Nieuw ontdekte APC-cellen spelen cruciale rol bij luchtweginfecties

maandag 16-november-2020

Als u last heeft van een kriebelhoest of vastzittend slijm dan kan een hoestdrank helpen om de klachten te verminderen. Maar heeft u zich ooit afgevraagd waarom u minder moet hoesten als u een hoestdrank of hoestsiroop inneemt? Welke ingrediënten zijn nodig om een effectieve hoestdrank te maken? En zijn er natuurlijke alternatieven beschikbaar?

Waarom moet u hoesten?

Af en toe hoesten is normaal. Kortdurende hoest wordt veroorzaakt door een hoestreflex die bedoeld is om stoffen uit de luchtwegen te persen. Deze stoffen zijn vaak lichaamsvreemd en irriteren de luchtwegen, zoals sigarettenrook, slijm of allergenen. Langdurig hoesten kan wijzen op een infectie zoals een verkoudheid, de griep of bronchitis.

Een tweede reden waarom u kunt hoesten is de aanwezigheid van slijm. Slijm is altijd in onze luchtwegen aanwezig en normaal hebben we er geen last van. Slijm helpt onder andere om lichaamsvreemde stoffen buiten te houden en zorgt ervoor dat we kunnen slikken. Maar kleverig of ingedikt slijm kan zorgen voor vastzittende hoest. 

 

Hoe ontstaat de hoestreflex?

In de keel en bovenste luchtwegen zitten hoestreceptoren. Als de hoestreceptoren geprikkeld worden, door bijvoorbeeld irriterende stoffen, dan worden de ze geactiveerd. Vanuit de receptoren vertrekken gevoelszenuwen naar de hersenstam waar uiteindelijke de hoestreflex begint. Deze signaaloverdracht van de hoestreceptoren naar de hersenstam gebeurt aan de hand van de neurotransmitters glutamaat en neurokinine.

 

Zijn er natuurlijke oplossingen tegen hoest?

Kruiden worden al sinds mensenheugenis ingezet om de gezondheid te bevorderen. Zo drinkt u misschien een kopje gemberthee met citroen en extra honing als u hoest voelt opkomen. En dat begrijpen we maar al te goed, want de natuur is de beste apotheek! Vaak werken combinaties van kruiden samen nog beter dan alleen, omdat ze elkaar perfect kunnen aanvullen. Een natuurlijk alternatief voor hoestdrank wordt dan ook idealiter van verschillende kruiden gemaakt. 

 Tijm is het bekendste natuurlijke middel bij hoest

Eén van de allerbekendste natuurlijke middelen om hoest te stoppen is tijm (Thymus vulgaris). Tijm is antimicrobieel, antiviraal, anti-inflammatoir en antioxidatief. Tijm zorgt voor een afname van de slijmproductie in de bovenste luchtwegen waardoor u gemakkelijker ademt en u minder hoeft te hoesten. Daarnaast ontspant tijm ook de spieren van de luchtwegen waardoor de hoestprikkel minder snel ontstaat [3,4].

 

Menthol niet alleen voor de smaak

Tijm wordt in een kruidensiroop vaak gecombineerd met andere planten zoals pepermunt (Mentha x piperita). Menthol, het actieve bestanddeel van pepermunt, geeft een kenmerkende smaak aan hoestdranken of hoestpastilles. Menthol heeft een licht verdovende werking op de hoestreceptoren waardoor de hoestreflex minder snel optreedt [5].

 

Verdun slijm met anijs

In combinatie met tijm en pepermunt kunt u anijs (Pimpinella anisum) gebruiken. Anijs werkt ter hoogte van de bovenste luchtwegen vooral slijmverdunnend waardoor slijm gemakkelijker oplost of kan worden opgehoest [6].

 

Ook deze kruiden verzachten de luchtwegen

Andere interessante kruiden zijn salie (Salvia officinalis), dat een verzachtend effect heeft op de keel, smalle weegbree (Plantago lanceolata) en rode zonnehoed (Echinacea purpurea) [7–10]. U gebruikt deze kruiden bijvoorbeeld in de vorm van een kruidensiroop, om van de hoest af te komen en om de luchtwegen gezond te helpen houden.

 

Hoe werken klassieke hoestdranken

Hoestdranken, of hoestmedicijnen worden ook wel antitussiva genoemd. Antitussiva blokkeren de hoestreflex zodat het hoesten minder frequent wordt. Bij kriebel in de keel en hoesten kunt u een hoestdrank gebruiken die de stof dextromethorphan bevat. Dextromethorphan blokkeert het signaal tussen de hoestreceptor in de luchtwegen en de hersenstam, waardoor de hoestreflex wordt onderdrukt [1]. 

Sommige hoestdranken bevatten codeïne. Een hoestdranken met codeïne onderdrukt de centrale hoestreflex. U gebruikt deze hoestdranken bij droge hoest en kriebelhoest. Het wordt ook vaak aangeraden als u ’s nachts last heeft van hoest. Codeïne heeft een opioïde werking op de hersenen waardoor het zowel de hoest onderdrukt als een verzachtende en pijnstillende werking heeft [2].  

Met deze codeïnehoudende hoestdranken moet voorzichtig worden omgegaan omdat deze een verdovende of verslavende werking kunnen hebben.

 

Slijmoplossende hoestdrank

Bij vastzittend slijm kunt u een hoestdrank gebruiken met bijvoorbeeld broomhexine of acetylcysteïne. Deze slijmoplossende middelen verminderen de viscositeit, ofwel de dikte van het slijm. 

Acetylcysteïne werkt bijvoorbeeld door disulfidebruggen in eiwitten los te weken [11]. Eiwitten maken het slijm in de luchtwegen dik. De disulfidebruggen zijn belangrijk voor de structuur van het eiwit en als het eiwit door het losweken van de bruggen structuur verliest, verliest slijm haar viscositeit. Zo helpt acetylcysteïne slijm in de luchtwegen op te lossen en vermindert het vastzittende hoest.

 

Kennis in de praktijk

U gebruikt een kruidensiroop om op een natuurlijke manier hoestklachten te verlichten. Een kruidensiroop bestaat uit verschillende kruiden waaronder tijm, menthol en anijs. Met een kruidensiroop verlicht u niet alleen hoest maar kruiden zijn ook antiviraal, antibacterieel en het vermindert de slijmproductie. Een kruidensiroop heeft dus een breed werkingsmechanisme tegen hoest. De beste natuurlijke hoestsiroop bestaat uit verschillende kruiden die synergetisch werken om de bovenste luchtwegen te verzachten. 

 

 Bronnen:

1.            Canning BJ. Central regulation of the cough reflex: Therapeutic implications. Pulmonary Pharmacology & Therapeutics. april 2009;22(2):75–81.

2.            Vora A, Nadkar MY. Codeine: A Relook at the Old Antitussive. J Assoc Physicians India. april 2015;63(4):80, 82–5.

3.            Nagoor Meeran MF, Javed H, Al Taee H, Azimullah S, Ojha SK. Pharmacological Properties and Molecular Mechanisms of Thymol: Prospects for Its Therapeutic Potential and Pharmaceutical Development. Front Pharmacol. 2017;8:380.

4.            Schönknecht K, Krauss H, Jambor J, Fal AM. [Treatment of cough in respiratory tract infections - the effect of combining the natural active compounds with thymol]. Wiad Lek. 2016;69(6):791–8.

5.            Eccles R. What is the Role of Over 100 Excipients in Over the Counter (OTC) Cough Medicines? Lung. oktober 2020;198(5):727–34.

6.            Sun W, Shahrajabian MH, Cheng Q. Anise (Pimpinella anisum L.), a dominant spice and traditional medicinal herb for both food and medicinal purposes. Sabatini S, redacteur. Cogent Biology. 1 januari 2019;5(1):1673688.

7.            Nosalova G, Sutovska M, Mokry J, Kardosova A, Capek P, Khan MTH. Efficacy of herbal substances according to cough reflex. Minerva Biotecnologica. 1 september 2005;17:141–52.

8.            Kemmerich B. Evaluation of efficacy and tolerability of a fixed combination of dry extracts of thyme herb and primrose root in adults suffering from acute bronchitis with productive cough. A prospective, double-blind, placebo-controlled multicentre clinical trial. Arzneimittelforschung. 2007;57(9):607–15.

9.            Barth A, Hovhannisyan A, Jamalyan K, Narimanyan M. Antitussive effect of a fixed combination of Justicia adhatoda, Echinacea purpurea and Eleutherococcus senticosus extracts in patients with acute upper respiratory tract infection: A comparative, randomized, double-blind, placebo-controlled study. Phytomedicine. december 2015;22(13):1195–200.

10.         Franova S, Nosalova G, Mokry J. Phytotherapy of cough. In: Khan MTH, Ather A, redacteuren. Advances in Phytomedicine. Elsevier. 2006. p. 111–31. (Lead Molecules from Natural Products; vol. 2). Beschikbaar op: http://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S1572557X05020076

 

11.          Samuni Y, Goldstein S, Dean OM, & Berk M. (2013). The chemistry and biological activities of N-acetylcysteine. Biochimica et Biophysica Acta (BBA)-General Subjects. 2013;1830(8), 4117-4129. Beschikbaar op: https://doi.org/10.1016/j.bbagen.2013.04.016