Nieuws

Zondag 4 maart 2018

Darmbacteriën kunnen depressie tegengaan

Wanneer men ongezonde darmen heeft als gevolg van een ongezonde leefstijl, kan dit tot depressie leiden. Volgens onderzoekers in Denemarken kunnen bepaalde soorten lactobacillen helpen dit type depressie te voorkomen.

 

Er bestaan al langer vermoedens dat probiotische bacteriën via de darm-hersen-as een rol zouden kunnen spelen bij het beheersen of voorkomen van depressie. Uit nieuw onderzoek bij dieren blijkt in ieder geval dat probiotica, die meestal gericht voor de darmen worden ingezet, ook de hersenen positief kunnen beïnvloeden.


Strijd tussen goede en slechte bacteriën

 In het darmkanaal leven ca. 100.000 miljard bacteriën. In een gezond darmkanaal heerst een milieu waarin de meeste pathogene bacteriestammen zich niet thuis voelen. Echter, de darminhoud kan ook pathogenen en toxische stoffen bevatten.

 

Probiotische organismen voeren strijd met pathogenen om hechtruimte en voedsel. Hiertoe vormen ze bacteriocinen en kortketenige vetzuren. Deze laatsten voeden het darmepitheel, waardoor een sterke barrière ontstaat tegen pathogenen. Bovendien verlagen deze vetzuren de pH, wat pathogenen verdrijft en daarnaast de biologische beschikbaarheid van mineralen verhoogt. Ook dragen ze bij aan het verteringsproces, doordat ze co-enzymen (zoals lactase) kunnen produceren. Door deze mechanismen wordt de vertering verbeterd, flatulentie door gisting voorkomen en darmparasieten, diarree, maar ook obstipatie voorkomen.

 

Onder invloed van externe factoren, waaronder een slecht voedingspatroon, kan het evenwicht echter verstoord raken, met dysbiose tot gevolg. Pathogenen in de darmen kunnen vervolgens in de bloedbaan terechtkomen, met allerlei gevolgen voor de gezondheid. Mogelijk is dit het achterliggende werkingsmechanisme van depressie.

 

Het onderzoek

 Een Deens onderzoeksteam verdeelde ratten in vier groepen. Ze werden gevoed met verschillende mengvoeders en volgden verschillende diëten. Twee groepen ratten volgden een vetrijk en vezelloos dieet, waarbij een van de twee groepen ook water met probiotica (lactobacillen) kreeg. Twee controlegroepen werden gevoed met een vezelrijk en vetarm dieet, ook hier kreeg een van de groepen water met een probioticum. Na twaalf weken kregen ze een zwemtest. De ratten op het vetrijke dieet zonder probiotica gedroegen zich “depressiever” tijdens de test.

 

Ratten die naast een vetrijk en vezelloos dieet melkzuurbacteriën kregen, vertoonden normaal gedrag. Degenen die een vetrijk en vezelloos dieet kregen zonder probiotica, ontwikkelden gedrag vergelijkbaar met depressief gedrag. Het probioticum compenseert dus bij ratten de gevolgen van een ongezond dieet.

 

Bovendien bleek dat ratten die geen probiotica kregen een verhoogd aantal witte bloedcellen in hun hersenweefsel hadden. Deze witte bloedcellen weerspiegelden de gedragsveranderingen. Ze kunnen een teken zijn van chronische ontsteking. Ook worden ze waargenomen in het vetweefsel en de lever van mensen met overgewicht en bij diabetici. Dat de probioticagroep dit niet had, kan wijzen op herprogrammering van het immuunsysteem.

 

Zo’n 80 procent van de afweer vindt zijn oorsprong in de darm. De probiotische organismen versterken zowel de cellulaire als de humorale immuunrespons. Artritis, maagzweer, allergische reacties en IBS (Inflammatory Bowel Syndrome) kunnen worden verminderd. De ontstekingsremmende werking van probiotica beperkt zicht niet enkel tot de darm, ook huidaandoeningen als acné, psoriasis en eczeem zijn erbij gebaat. Onderkant formulier

 

Conclusie

Depressie heeft waarschijnlijk een metabole component die op probiotica reageert. Deze bevindingen kunnen verstrekkende gevolgen hebben, omdat metabole aandoeningen vaak voorkomen naast depressie. De onderzoekers denken dat het mogelijk is dat mensen die lijden aan een depressie baat hebben bij probiotica. Er komen immers steeds meer onderzoeken die suggereren dat een ongezond dieet bijdraagt aan het veroorzaken of in stand houden van een depressie. Het is bekend dat patiënten met een depressie over het algemeen ongezonder leven dan gemiddeld.

 

Probiotica kan het voedsel niet gezonder maken en heeft geen invloed op het gewicht en de bloedsuikerspiegel. Echter, als de depressieve symptomen verminderd kunnen worden, kan de levensstijl verbeteren en de vicieuze cirkel wordt doorbroken. Het resultaat is interessant voor de behandeling van depressie, waar probiotica onderdeel van zou moeten zijn.

Bronnen

Abilgaard A. et al., Probiotic treatment protects against the pro-depressant-like effect of high-fat diet in Flinders Sensitive Line rats, Brain, Behavior, and Immunity, Volume 65, October 2017, Pages 33-42.
http://naturafoundation.nl/monografie/orale_probiotica.html

http://naturafoundation.nl/monografie/Probiotica_algemeen.html